Hoe werkt het oog ?

Het oog is het zintuig dat beelden doorgeeft aan de hersenen. We kunnen het oog enigszins vergelijken met een camera. Ook hierin zorgt een lens voor het scherp stellen van een voorwerp op korte of lange afstand, de film heeft dezelfde functie als het netvlies. Het beeld op het netvlies staat net zoals op een film ondersteboven en averechts. Dit beeld wordt via de oogzenuw naar de visuele regio’s achteraan in de hersenen gebracht waar het wordt verwerkt tot een waarneming.

Anatomie van het oog

Anatomie van het oog

 

Oogspieren

OogspierenElk oog heeft zes uitwendige oogspieren. Deze zorgen ervoor dat we onze ogen kunnen bewegen in verschillende richtingen. We kunnen iets of iemand volgen, of snel van het ene naar het andere voorwerp kijken.

Normale visuele ontwikkeling

Het visueel functioneren is bij een pasgeborene nog zeer rudimentair. De ontwikkeling van het zicht begint vanaf de geboorte tot aan de leeftijd van 8 tot 10 jaar en bestaat uit twee perioden:

  • 0 tot 4 maanden: kritische periode waarin de basis gelegd wordt voor ‘het zien’. Een pasgeborene reageert vooral reflexmatig en enkel op zwart-witcontrasten;
  • 4 maanden tot 8 – 10 jaar: plastische periode, zeer belangrijk voor de ontwikkeling van het zicht.  Het kind leert beter scherp te stellen op verschillende afstanden.

Ons onderscheidingsvermogen is het grootst ter hoogte van de fovea (macula). Het ontvangen van een zuiver beeld in deze zone van het netvlies is onontbeerlijk voor een goede gezichtsscherpte (visus).

Normale visuele ontwikkeling

Bij een refractieafwijking (brekingsfout) is de lengte van de oogbol niet in verhouding met de sterkte van het hoornvlies en/of de ooglens, waardoor de lichtstralen niet samenvallen op het netvlies. Het beeld dat afgebeeld wordt in de hersenen is onscherp. Als een brekingsfout op jonge leeftijd niet goed gecorrigeerd wordt, kan dit leiden tot een lui oog (amblyopie).

Afwijkingen in de breking

beeld met verschillend refractieafwijking

visus met myopia

  • Bijziendheid/ myopie: de lichtstralen die het oog binnenvallen worden te sterk gebroken zodat ze een beeld vormen voor het netvlies. Zonder correctie ziet de myoop vooral wazig in de verte.

 

visus met hypermetropie

 

 

 

 

 

 

 

 

Verziendheid/ hypermetropie: de lichtstralen die het oog binnenvallen worden te zwak gebroken zodat ze een beeld vormen achter het netvlies. Bij niet-gecorrigeerde verziendheid is er wazig zicht bij ver en dichtbij kijken.

 

 

 

 

visus met astigmatsime

 

 

 

 

 

Astigmatisme: Het hoornvlies en/of de ooglens hebben een onregelmatige kromming, te vergelijken met het oppervlak van een rugbybal